Algemeen | 0 ... 9 | A | B | C | D | E | F | G | H | I | J | K | L | M | N | O | P | Q | R | S | T | U | V | W | X | Y | Z |
aandachtstreepjes
aanhalingstekens
aanhef
aanspreekvormen (VRT)
aanspreking / aanschrijving
aardrijkskundige namen
accenten
actief / passief
adressering
afkortingen - overzicht
afkortingen
afkortingen en letterwoorden
alfabetisch ordenen
Arabisch
bankrekeningen
beladen woorden
beletselteken
bezits-s
bijzinnen
botsende klinkers
breukgetallen
briefconventies
bronvermelding
Chinees
commentaar bij beeld
cyrillisch schrift
d / dt
datums
diakritische tekens
doorgaan
drie puntjes
dubbelepunt
Duitse leenwoorden
eigennaam
Engelse werkwoorden
Engelse woorden
euro
gebeuren
gebiedende wijs
gedachtestreepje
gekloofde zin
genitief-s
gereduceerde vormen
getallen
hoofdletters
initiaalwoorden
klinkerbotsing
komma
kommapunt
koppelteken
letterwoorden
liggend streepje
lintwormstijl
maateenheden
meervouds-s
naamwoordstijl / werkwoordstijl
nadrukteken
namen
nationaliteit en ras
nauwkeurigheid
omhaal
ontkenningen
opbouw van een intro
opbouw van een nieuwsbericht
passieve zinnen
publieksgerichtheid
puntkomma
rangtelwoorden
Russisch
samenstellingen
scheidbare samengestelde werkwoorden
slotformule
spaties bij leestekens
spreektaal
spreken / schrijven
staccatostijl
stijltips
synoniemen
tangconstructies
tantebetjeconstructie
telefoonnummers
telwoorden
tijdstippen
titels
titulatuur
't kofschip
transcriptie
tussenklank -e(n)-
tussenklank -s-
tweetalige plaatsnamen
vaktermen
verkleinwoorden
verkortingen
voornaamwoordelijke bijwoorden
vreemde woorden
wiggen
windrichtingen
zinslengte
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 

aanhalingstekens

Bij de VRT gebruiken we dubbele aanhalingstekens bij directe rede. In de drukkerswereld worden meestal enkele aanhalingstekens gebruikt. In ondertitels gebruikt de VRT geen aanhalingstekens bij directe rede.


Als de leestekens tot de geciteerde uitspraak behoren, staan ze tussen de aanhalingstekens. Anders staan ze erbuiten. Na een afsluitend aanhalingsteken komt nooit een punt.

  • Jan zei: "Piet komt niet."
  • Jan vroeg: "Komt Piet niet?"
  • Zei Jan: "Piet komt niet."?
  • "Piet komt niet", zei Jan.
  • "Komt Piet niet?", vroeg Jan.
  • "Piet", zei Jan, "komt niet."
  • "Piet," zei Jan, "je moet meteen komen."

Een afsluitend aanhalingsteken komt nooit tussen gelijke leestekens. De combinaties ?"?, !"! en .". komen dus niet voor.

  • Vroeg Jan: "Komt Piet niet?"
  • Roep niet de hele tijd: "Piet komt niet!"
  • Jan zei: "Piet komt niet."

We gebruiken ook dubbele aanhalingstekens bij citaten en woorden met een speciale status.

  • In de zomer "dumpen" sommige mensen hun ouders in het ziekenhuis om zelf op vakantie te kunnen gaan.

Titels zetten we in de regel cursief, maar als dat om technische redenen niet kan, zetten we ze tussen dubbele aanhalingstekens.

  • Vrijdagavond ben ik naar de musical Hair gaan kijken.
  • Vrijdagavond ben ik naar de musical "Hair" gaan kijken.