Algemeen | 0 ... 9 | A | B | C | D | E | F | G | H | I | J | K | L | M | N | O | P | Q | R | S | T | U | V | W | X | Y | Z |
aandachtstreepjes
aanhalingstekens
aanspreekvormen (VRT)
aanspreking / aanschrijving
aardrijkskundige namen
accenten
actief / passief
adressering
afkortingen - overzicht
afkortingen
afkortingen en letterwoorden
alfabetisch ordenen
Arabisch
bankrekeningen
beladen woorden
beletselteken
bezits-s
bijzinnen
botsende klinkers
breukgetallen
briefconventies
bronvermelding
Chinees
commentaar bij beeld
cyrillisch schrift
d / dt
datums
diakritische tekens
doorgaan
drie puntjes
dubbelepunt
Duitse leenwoorden
eigennaam
Engelse werkwoorden
Engelse woorden
euro
gebeuren
gebiedende wijs
gedachtestreepje
gekloofde zin
genitief-s
gereduceerde vormen
getallen
hoofdletters
initiaalwoorden
klinkerbotsing
komma
kommapunt
koppelteken
letterwoorden
liggend streepje
lintwormstijl
maateenheden
meervouds-s
naamwoordstijl / werkwoordstijl
nadrukteken
namen
nationaliteit en ras
nauwkeurigheid
omhaal
ontkenningen
opbouw van een intro
opbouw van een nieuwsbericht
passieve zinnen
publieksgerichtheid
puntkomma
rangtelwoorden
Russisch
samenstellingen
scheidbare samengestelde werkwoorden
spaties bij leestekens
spreektaal
spreken / schrijven
staccatostijl
stijltips
synoniemen
tangconstructies
tantebetjeconstructie
telefoonnummers
telwoorden
tijdstippen
titels
titulatuur
transcriptie
tussenklank -e(n)-
tussenklank -s-
tweetalige plaatsnamen
vaktermen
verkleinwoorden
verkortingen
voornaamwoordelijke bijwoorden
vreemde woorden
wiggen
windrichtingen
zinslengte
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 

euro

Het euroteken staat vóór het bedrag; tussen het teken en het getal komt er een spatie (NBN Z 01-002).

  • € 123,45

Bij gehele bedragen schrijven we geen streepje of nullen. In Nederland is een streepje gebruikelijk.

  • € 25

Negatieve bedragen spellen we met een minteken voor het getal.

  • € -100 000

Een korting spellen we met een minteken voor het valutateken.

  • - € 5

In niet-gespecialiseerde teksten schrijven we ook euro.

  • Op straat lag een biljet van vijftig euro.

De internationale valutacode EUR gebruiken we niet op het scherm of in een brief aan een luisteraar of kijker. In financiële teksten (boekhouding, facturen, jaarverslagen) kan hij wel. De code staat achter het bedrag.

  • 340 EUR

Bij het lezen van bedragen is euro het kernwoord voor bedragen vanaf 1 euro, voor bedragen kleiner dan 1 euro is cent het kernwoord. In de regel staan er twee cijfers na de komma, maar brandstofprijzen hebben er drie.

  • € 2,40 = twee euro veertig (cent)
  • € 0,46 = zesenveertig cent
  • € 0,816 = eenentachtig cent zestig
  • € 1,264 = één euro zesentwintig en vier tiende cent

De woorden euro en cent worden met een kleine letter geschreven, net zoals andere munteenheden.


Samenstellingen met euro- worden als één woord gespeld, tenzij de klinkers botsen.

  • eurobiljet
  • euro-uitgave