|
Hij is de duivel. Hij noemt niet zo, maar hij gedraagt zich gewetensloos.
|
|
√ Hij is de duivel. Hij heet niet zo, maar hij gedraagt zich gewetenloos.
|
|
Geen s in gewetenloos. Noemen is een naam geven, heten is een naam hebben: hij wordt niet de duivel genoemd, hij heet niet zo.
|
|
|